Psychotherapeutische Referentiekaders

Psychotherapeutische Referentiekaders

De overheid heeft in het besluit van 17 maart 1998,  regels vastgesteld  inzake de opleiding tot en de deskundigheid van de psychotherapeut. In artikel 4, die handelt over welke onderwerpen het cursorisch onderwijs moet omvatten, staat bij sub. 2 f het volgende:

de psychotherapeutische referentiekaders, zijnde de psycho-analytische therapie, de gedragstherapie, de rogeriaanse therapie en de systeemtherapie die zijn gebaseerd op onderscheidelijk de psycho-analytische theorieën, de leer- en cognitieve theorieën, de experiëntiële theorieën en de systeemtheorieën.

Ik wil de komende posts deze zogenaamde psychotherapeutisch referentiekaders de revue laten passeren en wel middels hun grondleggers, dan wel andere personen die een belangrijke rol binnen de ontwikkeling hebben gespeeld.

Allereerst de grondlegger van de rogeriaanse therapie, ook wel clientgerichte psychotherapie genoemd, Carl Rogers.

Binnen Wikipedia vind ik de volgende informatie over hem:

Carl Rogers

Een schetstekening van Rogers

Carl Ransom Rogers (Oak Park (Illinois)8 januari 1902 – La Jolla (Californië), 4 februari 1987) was een Amerikaanse psycholoog en psychotherapeut. Samen met Abraham H. Maslow wordt hij als grondlegger van de humanistische psychologie beschouwd.

Rogers heeft zijn opvattingen over de groei van de persoonlijkheid of zijn Rogeriaanse Psychologie uiteengezet in tal van boeken en tijdschriftartikels. Aan de basis van zijn theorie over het menselijk gedrag liggen onder meer volgende stellingen:

  • Het individu is een subject en niet een object dat ontleed, beoordeeld en gemanipuleerd mag worden.
  • Het is belangrijker hoe de mens iets ervaart dan hoe het in werkelijkheid is. Of zoals Rogers het zei, “His experience is his reality”. Voor Rogers is de subjectieve wereld van een individu hier en nu belangrijker dan de objectieve werkelijkheid.

Voor de psycholoog komt het er op aan de wereld door de ogen van de consultant te zien; de gevoelens van de andere ervaren, terwijl men toch de nodige emotionele afstand bewaart (non-directief). Dit vormt de basis van zijn Rogeriaanse therapie meer gekend als de Cliënt-centered therapie.

Bij Rogers loopt het persoonlijke leven door het wetenschappelijke heen. In zijn boeken vertelt hij bijvoorbeeld persoonlijke verhalen over de relatie met zijn vrouw en zijn ervaringen met patiënten en studenten. Tijdens zijn leven en daarna werd hij bekritiseerd wat betreft zijn wetenschappelijke methode en de effectiviteit van zijn therapeutische benadering.

Stellingen

Zijn theorieën (uit 1951) zijn gebaseerd op 19 stellingen [1]

  1. Alle individuen (organismen) bevinden zich in een voortdurend veranderende wereld van ervaring (ervaringsveld) waarin zij centraal staan.
  2. Het organisme reageert op dit veld zoals het dit ervaart en waarneemt. Dit waargenomen veld is de “realiteit” voor het individu.
  3. Het organisme reageert als een georganiseerd geheel op dit ervaringsveld.
  4. Een gedeelte van dit ervaringsveld wordt geleidelijk aan gedifferentieerd als het Ik.
  5. Vanuit deze interactie met de omgeving, en voornamelijk vanuit een evaluerende interactie met anderen, wordt het Ik gestructureerd – een georganiseerd, vloeiend maar consistent conceptueel patroon van waarnemingen van kenmerken en verhoudingen van het Ik, samen met daaraan gehechte waarden.
  6. Het organisme heeft een fundamenteel streven: zichzelf te realiseren, in stand te houden en te vervolmaken als ervarend/bewust organisme.
  7. Het beste gezichtspunt om iemands gedrag te begrijpen is vanuit het inwendig referentiekader van het individu.
  8. Gedrag is fundamenteel een doelgerichte poging om de eigen noden te bevredigen, zoals men die ervaart, binnen het veld zoals men dit waarneemt.
  9. Emoties begeleiden, en vergemakkelijken in het algemeen, dit doelgericht gedrag, waarbij de soort emotie verband houdt met het waargenomen belang van het gedrag voor het in stand houden en vervolmaken van het organisme.
  10. Waarden worden rechtstreeks waargenomen door het organisme, maar soms zijn ze overgenomen van anderen, hierbij enigszins vervormd, maar toch beleefd als waren zij rechtstreeks waargenomen.
  11. Ervaringen tijdens het leven van het individu zijn ofwel a) gesymboliseerd, waargenomen en georganiseerd in een verband met het ik, b) genegeerd omdat er geen waargenomen verband is met de ik-structuur, c) zonder of met een verwrongen symbolisering omdat de ervaring inconsistent is met de ik-structuur.
  12. Meestal zijn de gedragswijzen die het organisme aanneemt, deze die consistent zijn met het zelfbeeld.
  13. Sommige gedragingen spruiten voort uit ervaringen en noden die niet gesymboliseerd werden. Zulk gedrag kan inconsistent zijn met de ik-structuur, en wordt dan niet als “eigen” erkend door het individu.
  14. Psychologische aangepastheid treedt op als het zelfbeeld van die aard is, dat alle zintuiglijke en inwendige ervaringen van het organisme op symbolisch niveau verbonden worden, of kunnen worden, met een zinvol verband met het zelfbeeld.
  15. Psychologische onaangepastheid treedt op als het organisme geen zinvolle zintuiglijke en inwendige ervaringen heeft, die dus niet gesymboliseerd of georganiseerd worden binnen de Gestalt van de ik-structuur. In dit geval bestaat er een fundamentele of potentiële psychologische spanning.
  16. Elke ervaring die inconsistent is met de organisatie van de ik-structuur kan beleefd worden als een bedreiging, en hoe meer er dergelijke ervaringen optreden, hoe stroever de ik-structuur wordt om zichzelf te handhaven.
  17. In sommige omstandigheden, als er helemaal geen bedreiging is voor de ik-structuur, kunnen inconsistente ervaringen waargenomen en onderzocht worden, en wordt de ik-structuur aangepast om dergelijke ervaringen te kunnen assimileren.
  18. Als het individu al zijn zintuiglijke en inwendige waarnemingen kan integreren in één consistente ik-structuur, dan zal hij de anderen onvermijdelijk beter begrijpen, en hen als aparte individuen aanvaarden.
  19. Naarmate een individu meer van zijn organische (betekenisvolle) ervaringen waarneemt en aanvaardt, zal zijn eigen waardensysteem, dat sterk berustte op de verinnerlijking van verwrongen symbolen, vervangen worden door een voortdurend veranderend waarderingsproces.

Daarenboven paste Rogers “onvoorwaardelijke waardering” toe, wat gedefinieerd kan worden als iemand aanvaarden “zonder enig negatief oordeel betreffende zijn fundamentele waarden”. [2]

Bibliografie

  • Counseling and Psychotherapy (1942)
  • Client Centered Therapy, its current practice, implications and theory (1951)
  • Psychotherapy and Personality Change (1954)
  • On becoming a person : a therapist’s view of psychotherapy, uitg. Houghton Mifflin, Boston (1961) ISBN 0-395-08134-3 en ISBN 0-395-08409-1
  • Person to person: the problem of being human : a new trend in psychology, uitg. Real People Press, Moab UT (1967) ISBN 0-911226-00-1 en ISBN 0-911226-01-X
  • Carl Rogers on Personal Power (1978)
  • A Way of Being (1980)
  • Freedom to Learn for the 80’s (1983)
Bronnen, noten en/of referenties

  1.  Rogers, Carl Client-centered therapy: Its current practice, implications and theory., Constable, London, 1951
  2.  Barry, P. (2002). Mental Health and Mental Illness. (7th ed.) New York: Lippincott.

Titel Psychotherapeut beschermd? (vervolg)

 

Titel Psychotherapeut beschermd? (vervolg)

Uiteindelijk heb ik contact gehad met de NVP (Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie), de beroepsvereniging van geregistreerde psychotherapeuten en diegene die daartoe in opleiding zijn. Wat betreft het onderwerp ‘is de titel psychotherapeut beschermd?’, dit werd door de NVP bevestigd. Maar nu komt het: de NVP gaf aan dat dit niet geldt voor psychotherapie geven, dat mag in principe iedereen doen!  De overheid heeft er niet voor gekozen het geven van psychotherapie te beschermen en dat vind ik een zeer slechte zaak. Het betekent dat potentiële cliënten bij het zoeken naar hulp te maken krijgen met opgeleide professionals, maar ook met veel goedwillende amateurs! Het is ondoenlijk voor hulpzoekenden om hier dan een goed onderscheid in te kunnen maken. Ik vind het zeer kwalijk dat de overheid hier niet beter over na heeft gedacht, waardoor transparantie ontbreekt en er meer kans op misstanden is.

 

Titel psychotherapeut beschermd?

 


Als psychotherapeut in opleiding wil ik natuurlijk graag weten of de titel psychotherapeut beschermd is? In eerste instantie kom ik dan uit bij de wet BIG. Psychotherapeut is een BIG-geregistreerde titel, maar wat houdt dat nu eigenlijk in? Op de website van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport lees ik dat het het BIG-register er is voor de volgende beroepen:

  • apotheker
  • arts
  • fysiotherapeut
  • gezondheidszorgpsycholoog
  • psychotherapeut
  • tandarts
  • verloskundige
  • verpleegkundig

Verder lees ik daar het volgende: van die beroepen zijn onder meer de opleidingseisen wettelijk vastgelegd. Deze beroepsbeoefenaren mogen alleen de beroepstitel voeren als zij de vereiste opleiding hebben afgerond en zich hebben ingeschreven in het BIG-register. Het is strafbaar om deze titels te gebruiken zonder inschrijving in het BIG-register.

Oké, het is dus strafbaar om de titel psychotherapeut te voeren wanneer je daarvoor niet een erkende opleiding hebt gehad en je hebt ingeschreven in het BIG-register. Maar als iets strafbaar is, dan moet er ook handhaving zijn denk ik dan. Maar daarover kan ik op de website van het ministerie eigenlijk niets vinden en dat vind ik op z’n minst gezegd toch vreemd. Ik lees wel wat ik allemaal moet doen om goed  ingeschreven te raken en blijven, maar niet hoe de overheid mij gaat helpen om binnen onze beroepsgroep verstoken te blijven van ‘nep-psychotherapeuten’.

Nu kun je natuurlijk denken dat het allemaal wel meevalt met die ‘nep-psychotherapeuten’, maar dan moet ik je toch teleurstellen. Via een Google zoekopdracht psychotherapeut kom ik toch zeker een aantal praktijken tegen die zichzelf als psychotherapeut afficheren, maar dat niet zijn.

Dan maar even naar de website van de NVP (Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie). Daar word ik wel iets wijzer, zo lees ik daar:

Titelmisbruik

Er zijn mensen die aangeven dat zij ‘therapeut’ zijn met een ‘praktijk voor psychotherapie’ of die zichzelf ‘psychotherapist’ noemen. Veelal wordt daarbij aangegeven dat men een ‘Europees certificaat’ (European Certificate for Psychotherapy, EPC) heeft of dat de gevolgde opleiding is erkend door de European Association for Psychotherapy (EAP) of de Nederlandse Associatie voor Psychotherapie (NAP). Het ECP betreft een soort  ‘diploma’ dat wordt uitgereikt door de EAP. Alleen de Oostenrijkste wetgeving erkent dit certificaat. Een groot deel van de Nederlandse ECP-houders heeft de opleiding gevolgd bij de Nederlandse Academie voor Psychotherapie te Amsterdam. Deze opleiding leidt op geen enkele wijze op tot een inschrijving in het Register Psychotherapeut van de overheid (BIG-register) of tot het mogen voeren van de wettelijk beschermde beroepstitel of het gebruik van een “gelijkende benaming dan wel een op die titel betrekking hebbend onderscheidingsteken” van een bij wet geregelde titel. Er is geen Europese wetgeving. Er is dus geen sprake van een Europese psychotherapeut, wat in Nederland een zelfde erkenning zou inhouden als de inschrijving in het BIG-register Psychotherapeut. Als u titelmisbruik signaleert, kunt u dit doorgeven aan de NVP. Wij geven de melding door aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Aha, dus de inspectie voor de Gezondheidszorg helpt ons tegen de ‘nep-psychotherapeuten’, maar wat ik dan niet begrijp is dat die ‘Nederlandse Academie voor Psychotherapie’ te Amsterdam gewoon nog zijn website in de lucht heeft     ( Ik was hem via Google ook heel snel tegengekomen). Ik neem tenminste aan dat de NVP de titelmisbruik van die Academie al veel eerder heeft doorgegeven en wat is er sindsdien gebeurd via de inspectie? Toch volgende week maar eens de NVP bellen,  iets wat ik toch al eerder had moeten doen om me aan te melden als (opleidings)lid.  (wordt vervolgd)

 

 

 

Opleiding Psychotherapie

Weblog opleiding psychotherapie

Januari 2012 start ik met de opleiding voor psychotherapeut. Dat zal mijn psychologische kennis en vaardigheden de komende jaren  gaan vergroten. Deze website gebruik ik om te reflecteren op onderwerpen die mij daarin gaan beroeren, met name inhoudelijke en behandelingtechnische aspecten. Daarnaast zal het wat mij betreft ook een podium zijn om op algemene zaken binnen de psychologie te kunnen reageren. Je bent welkom als je daarop wilt reageren.

Paul van Rijn

GZ-psycholoog BIG/ Eerstelijnspsycholoog NIP/ LVE